Image
Image

Nieuws AOV verzekeringen

AOW naar 67, AOV eindleeftijd omhoog?

Eindleeftijd AOV omhoog, net als AOW, wellicht ook aanvangsleeftijd omhoog?


Onder het motto de aanval is de beste verdediging, maakt het kabinet er voortvarend werk van om de geesten in Nederland rijp te krijgen voor verhoging van de AOW-gerechtigde en pensioengerechtigde leeftijd. Nieuwste pennenvrucht in deze is een stuk van Sociale Zaken dat simpelweg de titel 'AOW-notitie' draagt. De notitie spreekt geen woord Frans. Klip-en-klaar is de boodschap: Nederland moet er echt aan geloven, de AOW-leeftijd moet omhoog. Met een veelheid aan argumenten en voorbeelden wordt dit onderbouwd. "De notitie is het startpunt voor een gesprek met de samenleving over de meest gewenste manier van verhoging" (red. de vraag daaraan vooraf 'moet de leeftijd omhoog' is dus kennelijk al beantwoord), aldus Sociale Zaken in een persbericht over de AOW-notitie. In de slipstream valt nog te lezen dat de SER tot 1 oktober 2009 een advies over een alternatief kan geven.

Bron: Verzekeringsblad

MoneyView komt met vergelijkingsmodule AOV Verzekeringen

MoneyView komt met vergelijkingsmodule AOV Verzekeringen

[3 juni 2009]

Voor financieel adviseurs is dit pakket ontwikkeld en het heet MoneyView Advisa Online' en 'MoneyView AeQuote Online'.

Met deze nieuwe module is het mogelijk om arbeidsongeschiktheidsverzekeringen vergelijken een 'best passend' productadvies uit te brengen en een automatisch adviesrapport te genereren waarin onderbouwd wordt waarom een specifiek product van een specifieke aanbieder de best passende oplossing is voor een klant.

Redactie : Dat doen we toch al jaren?

Consument leest precontractuele info niet

Consument leest precontractuele info (arbeidsongeschiktheids)verzekering niet

93% van het intermediair meent dat de consument de precontractuele informatie die het in het kader van de Wft verstrekt, niet leest. Dit blijkt uit onderzoek van Legal & General onder 538 financieel dienstverleners. De verzekeraar hield haar onderzoek ter gelegenheid van haar vijfde Beleggingscongres onlangs.

'WFT-informatie is aflaat'
Volgens drs. Arno Dolders, algemeen directeur van Legal & General eist de samenleving terecht dat consumenten beter geïnformeerd worden over de financiële producten die zij overwegen af te sluiten en is als oplossing voor de informatieachterstand inmiddels een indrukwekkende hoeveelheid documenten ontwikkeld die de financieel dienstverlener verplicht is als precontractuele informatie uit te reiken. Dolders: "In de praktijk fungeren deze documenten als een moderne vorm van aflaat. Indien de documenten tijdig worden uitgereikt, is aan de vereisten voldaan en is iedereen tevreden. Maar daar gaat het natuurlijk niet om. De vraag is of al deze verplichtingen daadwerkelijk leiden tot beter geïnformeerde consumenten. Wanneer zoveel financieel dienstverleners aangeven de indruk te hebben dat de door hen verstrekte informatie door de consument niet wordt gelezen, zou dit voor de politiek en toezichthouder een argument moeten zijn om eens kritisch na te denken of op deze weg verder gegaan moet worden met bijvoorbeeld de introductie van een dienstverleningsdocument, dan wel dat naar alternatieven wordt gezocht om de consument beter te informeren."

Onderverzekering bij levensverzekeringen
68% van het intermediair is van oordeel dat bij veel in het verleden afgesloten levensverzekeringen sprake is van onderverzekering omdat het destijds beoogde doelkapitaal niet langer aansluit bij de actuele behoefte van de consument. Dolders: "Levensverzekeringen hebben bijna altijd de doelstelling om financiële behoeften van consumenten in de toekomst op te vangen. Het blijft toch merkwaardig. Waar wij in de schadesector het volstrekt normaal vinden om verzekerde sommen periodiek met de prijsindex te laten meelopen om onderverzekering tegen te gaan, is dit in het levenbedrijf nog zeer ongebruikelijk. Ik constateer dat er voor het intermediair geweldige kansen liggen om te zorgen dat alle consumenten die met goede argumenten in het verleden een levensverzekering hebben afgesloten voor kosten in de toekomst, weer een voorziening krijgen die is afgestemd op de werkelijke behoefte zoals die nu kan worden voorzien."

Meer interesse aanvullende oudedagsvoorzieningen
86% van het intermediair geeft aan te verwachten dat de consument in de nabije toekomst meer belangstelling krijgt voor aanvullende oudedagsvoorzieningen. Dolders: "Ik denk dat deze verwachting terecht is. Hoewel de politiek de besluitvorming over pensioen in de eerste pijler als een hete aardappel voor zich uitschuift, is het onvermijdelijk dat de AOW-leeftijd omhoog gaat. Maar ook in de opbouw in de tweede pijler zullen de spanningen toenemen. Het bevriezen van indexeringen en zelfs het afstempelen van pensioenaanspraken zullen de consument bewust maken van de noodzaak om in de derde pijler ook zelf voorzieningen te treffen. Ik verwacht dat dit een belangrijk adviesgebied voor het intermediair zal worden. Financieel adviseurs die nu extra inspanningen doen om deskundigheid op het gebied van pensioen te verwerven, zullen ervaren dat dit een zeer vruchtbare investering blijkt te zijn."

Directe beloning neemt toe maar provisie blijft
12% van de respondenten verwacht dat binnen het eigen bedrijf directe beloning heel belangrijk wordt. 35% verwacht dat directe beloning binnen twee jaar belangrijk wordt. Dolders: "Na vele jaren waarin vormen van directe beloning voor het intermediair onbespreekbaar waren, zien we nu dat de ontwikkeling in een stroomversnelling is gekomen. Ik denk dat deze ontwikkeling verder versneld zal worden door de wettelijke eis dat de beloning bij complexe producten transparant is. Transparantie zal uiteindelijk tot gevolg hebben dat elke klant min of meer zijn eigen kosten moet financieren. Onderlinge kruisbestuivingen hebben daarmee hun langste tijd gehad. Overigens zal het naar mijn verwachting zo zijn dat provisie, maar dan transparant, de komende vijf jaar nog de belangrijkste beloningsvorm zal blijken te zijn. Ik denk dat over vijf jaar nog steeds de advisering van 80% van de complexe producten geschiedt op basis van provisie."


Zelfstandig ondernemers met Arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) steeds oude

Zelfstandig ondernemers met Arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) steeds ouder

Ondernemers met een arbeidsongeschiktheidsverzekering worden steeds ouder. Die conclusie valt af te lezen uit cijfers van het Centrum voor Verzekeringsstatistiek (CVS). De gemiddelde leeftijd van mensen met een AOV lag de afgelopen jaren rond de 41, maar is intussen gestegen naar 42 jaar, terwijl het aandeel 'jonge' verzekerden daalt.

Het merendeel van de verzekerden (79 procent) heeft zich zowel voor rubriek A (het eerste jaar van arbeidsongeschiktheid) als voor rubriek B (de daaropvolgende jaren) verzekerd. Zo'n achttien procent had zich vorig jaar niet verzekerd voor rubriek A en slechts drie procent had geen dekking voor rubriek B. De mensen zonder A-dekking komen vooral voor in de beroepsklassen met het laagste risico op arbeidsongeschiktheid.

Vier beroepsklassen
De meeste verzekeraars hanteren een vier-beroepsklassenindeling (al is de indeling niet bij alle verzekeraars gelijk). Onder beroepsklasse 1 vallen beroepen met het minste risico op arbeidsongeschiktheid en in beroepsklasse 4 beroepen met het hoogste risico. In de cijfers over 2008 valt op dat de gemiddelde leeftijd in alle vier klassen is gestegen. Opmerkelijk is bovendien dat het aandeel verzekerden tussen de 41 en 55 jaar steeds groter wordt, terwijl het aandeel jongere mensen (tot en met 35 jaar) juist daalt. De gemiddelde 'arbeidsongeschiktheidsleeftijd' is het laagst in beroepsklasse 4 (39 jaar) en het hoogst in klasse 2 en 3 (ruim 43 jaar).

Bron : VB

Nederlanders positiever over verzekeraars geworden

Nederlanders positiever over verzekeraars geworden


De houding van Nederlanders ten opzichte van verzekeraars is het afgelopen jaar in positieve zin bijgesteld. Bijna vier op de tien Nederlanders hebben een positieve indruk van verzekeraars. Bovendien heeft een derde een positieve ervaring gehad met een verzekeraar. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd door Blauw Research in opdracht van verzekeraar Cardif. 38 procent van de Nederlanders heeft een positief beeld van verzekeraars. In 2008 lag dit percentage nog op 26 procent. Net als in 2008 staan vrouwen vaker positief tegenover verzekeraars dan mannen (41 procent vs. 34 procent). In de provincie Groningen is men in 2009 het meest positief over verzekeraars (52 procent), gevolgd door de provincie Drenthe (48 procent). In Overijssel is men het minst positief (29 procent). De positieve ervaringen die Nederlanders hebben verkregen ten aanzien van verzekeraars, zijn vooral tot stand gekomen door een soepele en snelle afhandeling van een schade. Diezelfde soepele afhandeling wordt ook het belangrijkste onderdeel van een verzekeraar gevonden. Daarnaast is de betrouwbaarheid van financiële producten in de ogen van de consument van groot belang. Beduidend meer nog dan een lage prijs of persoonlijk contact. Nederlanders willen graag op de hoogte worden gebracht wanneer er iets wijzigt rondom de polis. Bovendien vinden zij het belangrijk dat regelmatig gecheckt wordt of de polis nog up-to-date is. Ook verwachten consumenten korting te krijgen wanneer zij langer klant zijn en geen schade hebben gehad. Weinig waarde hechten consumenten aan de bekendheid van de verzekeraar. Twee op de drie heeft geen voorkeur voor een verzekering van een bekende verzekeraar. Bovendien is het merendeel van de Nederlanders van mening dat een bekende verzekeraar niet of nauwelijks meer zekerheid geeft dan een onbekende verzekeraar.

Deze website is  SSL beveiligd 

©2020 Dreamview | Designed, Developed & Hosted by DreamView ICT & Internet Services

Hallo! Welkom ondernemer! Vraag over AOV verzekering voor zelfstandig Professionals?

WhatsApp Service
Close and go back to page