Image
Image

Nieuws AOV verzekeringen

Consument leest precontractuele info niet

Consument leest precontractuele info (arbeidsongeschiktheids)verzekering niet

93% van het intermediair meent dat de consument de precontractuele informatie die het in het kader van de Wft verstrekt, niet leest. Dit blijkt uit onderzoek van Legal & General onder 538 financieel dienstverleners. De verzekeraar hield haar onderzoek ter gelegenheid van haar vijfde Beleggingscongres onlangs.

'WFT-informatie is aflaat'
Volgens drs. Arno Dolders, algemeen directeur van Legal & General eist de samenleving terecht dat consumenten beter geïnformeerd worden over de financiële producten die zij overwegen af te sluiten en is als oplossing voor de informatieachterstand inmiddels een indrukwekkende hoeveelheid documenten ontwikkeld die de financieel dienstverlener verplicht is als precontractuele informatie uit te reiken. Dolders: "In de praktijk fungeren deze documenten als een moderne vorm van aflaat. Indien de documenten tijdig worden uitgereikt, is aan de vereisten voldaan en is iedereen tevreden. Maar daar gaat het natuurlijk niet om. De vraag is of al deze verplichtingen daadwerkelijk leiden tot beter geïnformeerde consumenten. Wanneer zoveel financieel dienstverleners aangeven de indruk te hebben dat de door hen verstrekte informatie door de consument niet wordt gelezen, zou dit voor de politiek en toezichthouder een argument moeten zijn om eens kritisch na te denken of op deze weg verder gegaan moet worden met bijvoorbeeld de introductie van een dienstverleningsdocument, dan wel dat naar alternatieven wordt gezocht om de consument beter te informeren."

Onderverzekering bij levensverzekeringen
68% van het intermediair is van oordeel dat bij veel in het verleden afgesloten levensverzekeringen sprake is van onderverzekering omdat het destijds beoogde doelkapitaal niet langer aansluit bij de actuele behoefte van de consument. Dolders: "Levensverzekeringen hebben bijna altijd de doelstelling om financiële behoeften van consumenten in de toekomst op te vangen. Het blijft toch merkwaardig. Waar wij in de schadesector het volstrekt normaal vinden om verzekerde sommen periodiek met de prijsindex te laten meelopen om onderverzekering tegen te gaan, is dit in het levenbedrijf nog zeer ongebruikelijk. Ik constateer dat er voor het intermediair geweldige kansen liggen om te zorgen dat alle consumenten die met goede argumenten in het verleden een levensverzekering hebben afgesloten voor kosten in de toekomst, weer een voorziening krijgen die is afgestemd op de werkelijke behoefte zoals die nu kan worden voorzien."

Meer interesse aanvullende oudedagsvoorzieningen
86% van het intermediair geeft aan te verwachten dat de consument in de nabije toekomst meer belangstelling krijgt voor aanvullende oudedagsvoorzieningen. Dolders: "Ik denk dat deze verwachting terecht is. Hoewel de politiek de besluitvorming over pensioen in de eerste pijler als een hete aardappel voor zich uitschuift, is het onvermijdelijk dat de AOW-leeftijd omhoog gaat. Maar ook in de opbouw in de tweede pijler zullen de spanningen toenemen. Het bevriezen van indexeringen en zelfs het afstempelen van pensioenaanspraken zullen de consument bewust maken van de noodzaak om in de derde pijler ook zelf voorzieningen te treffen. Ik verwacht dat dit een belangrijk adviesgebied voor het intermediair zal worden. Financieel adviseurs die nu extra inspanningen doen om deskundigheid op het gebied van pensioen te verwerven, zullen ervaren dat dit een zeer vruchtbare investering blijkt te zijn."

Directe beloning neemt toe maar provisie blijft
12% van de respondenten verwacht dat binnen het eigen bedrijf directe beloning heel belangrijk wordt. 35% verwacht dat directe beloning binnen twee jaar belangrijk wordt. Dolders: "Na vele jaren waarin vormen van directe beloning voor het intermediair onbespreekbaar waren, zien we nu dat de ontwikkeling in een stroomversnelling is gekomen. Ik denk dat deze ontwikkeling verder versneld zal worden door de wettelijke eis dat de beloning bij complexe producten transparant is. Transparantie zal uiteindelijk tot gevolg hebben dat elke klant min of meer zijn eigen kosten moet financieren. Onderlinge kruisbestuivingen hebben daarmee hun langste tijd gehad. Overigens zal het naar mijn verwachting zo zijn dat provisie, maar dan transparant, de komende vijf jaar nog de belangrijkste beloningsvorm zal blijken te zijn. Ik denk dat over vijf jaar nog steeds de advisering van 80% van de complexe producten geschiedt op basis van provisie."


Nederlanders positiever over verzekeraars geworden

Nederlanders positiever over verzekeraars geworden


De houding van Nederlanders ten opzichte van verzekeraars is het afgelopen jaar in positieve zin bijgesteld. Bijna vier op de tien Nederlanders hebben een positieve indruk van verzekeraars. Bovendien heeft een derde een positieve ervaring gehad met een verzekeraar. Dit blijkt uit onderzoek uitgevoerd door Blauw Research in opdracht van verzekeraar Cardif. 38 procent van de Nederlanders heeft een positief beeld van verzekeraars. In 2008 lag dit percentage nog op 26 procent. Net als in 2008 staan vrouwen vaker positief tegenover verzekeraars dan mannen (41 procent vs. 34 procent). In de provincie Groningen is men in 2009 het meest positief over verzekeraars (52 procent), gevolgd door de provincie Drenthe (48 procent). In Overijssel is men het minst positief (29 procent). De positieve ervaringen die Nederlanders hebben verkregen ten aanzien van verzekeraars, zijn vooral tot stand gekomen door een soepele en snelle afhandeling van een schade. Diezelfde soepele afhandeling wordt ook het belangrijkste onderdeel van een verzekeraar gevonden. Daarnaast is de betrouwbaarheid van financiële producten in de ogen van de consument van groot belang. Beduidend meer nog dan een lage prijs of persoonlijk contact. Nederlanders willen graag op de hoogte worden gebracht wanneer er iets wijzigt rondom de polis. Bovendien vinden zij het belangrijk dat regelmatig gecheckt wordt of de polis nog up-to-date is. Ook verwachten consumenten korting te krijgen wanneer zij langer klant zijn en geen schade hebben gehad. Weinig waarde hechten consumenten aan de bekendheid van de verzekeraar. Twee op de drie heeft geen voorkeur voor een verzekering van een bekende verzekeraar. Bovendien is het merendeel van de Nederlanders van mening dat een bekende verzekeraar niet of nauwelijks meer zekerheid geeft dan een onbekende verzekeraar.

"Ik heb nog niets geregeld voor als ik arbeidsongeschikt raak" (2 van 2)

"Ik heb nog niets geregeld voor als ik arbeidsongeschikt raak" (2 van 2)


“Ik heb sinds kort mijn eigen bedrijf” Willem de Jong (35) is getrouwd en heeft twee kinderen. In het dagelijks leven is hij glazenwasser. “Ik heb jaren voor een baas gewerkt en heb sinds kort een eigen bedrijf. Mijn vrouw werkt drie dagen in de week, maar in principe ben ik de kostwinner. Als ik ziek of arbeidsongeschikt word, kunnen we niet terugvallen op haar inkomen. Wel heb ik nog wat spaargeld, dus we kunnen het een paar maanden uitzingen. Toch heb ik voor de zekerheid even nagedacht over de mogelijkheden van een aanvullende financiële voorziening. En dat zijn er nog aardig wat.Zo zou ik een arbeidsongeschiktheidsverzekering bij een particuliere verzekeraar kunnen nemen.Ik kan me ook tot dertien weken na de start van mijn bedrijf aanmelden voor de vrijwillige verzekering van het UWV, omdat ik starter ben en langer dan een jaar in loondienst heb gewerkt.De Ziektewet-, WAO- en WIA-verzekering die ik als werknemer al had, zet ik dan eigenlijk gewoonvoort. En stel, ik kom vanwege een verhoogd arbeidsongeschiktheidsrisico niet in aanmerking voor een normale verzekering, dan kan ik – binnen drie maanden na de start van mijn zaak – een beroep doen op de zogenaamde vangnetverzekering bij een private verzekeraar.”

Bron: Ministerie van SZW

Redactie: Zo ligt niet helemaal. De dekking is relatief erg duur en ook kwalitatief is er wel wat op aan te merken

BV een AOV voor de DGA

Kan een BV een arbeidsongeschiktheidsverzekering afsluiten voor de DGA?

Ja dat is mogelijk. De premie voor de verzekering kan door de BV worden voldaan. In de praktijk wordt deze mogelijkheid gebruikt om het pensioen van de DGA te kunnen blijven betalen bij diens arbeidsongeschiktheid, bijvoorbeeld de eigen beheer dotaties.

"Ik heb nog niets geregeld voor als ik arbeidsongeschikt raak"

"Ik heb nog niets geregeld voor als ik arbeidsongeschikt raak" (1 van 2)


Joost de Vries (40) werkt - na een dienstverband van vijf jaar in loondienst - sinds drie jaar als zelfstandig ontwerper. Hij woont samen met zijn partner, die vier dagen werkt."Ik heb nog niets geregeld voor als ik ziek word, of arbeidsongeschikt raak. En het meeste eigen geld zit in mijn bedrijf. Er zijn geen reserves meer, ik ben afhankelijk van mijn inkomen. Om me in te dekken zet ik maandelijks een bedrag opzij voor slechte tijden. Zo bepaal ik zelf wat ik die maand kan missen. Het risico is wel dat ik nog niet genoeg gespaard heb op het moment dat ik arbeidsongeschikt raak. Me verzekeren bij een private verzekeraar is een optie. Ik weet dat er
nu meer mogelijk is dan toen ik drie jaar geleden voor mezelf begon. En inderdaad, een vrijwillige verzekering via het UWV was zeker een optie geweest als ik binnen drie maanden na de start van mijn bedrijf actie had ondernomen."

Bron: Ministerie van SZW

Deze website is  SSL beveiligd 

©2019 Dreamview | Designed, Developed & Hosted by DreamView ICT & Internet Services